Afbeelding Dahlia’s rooien en overwinteren: zo overleven je knollen de winter

Dahlia’s rooien en overwinteren: zo overleven je knollen de winter

Dahlia’s bloeien lang, maar zijn niet winterhard. Voor de eerste vorst haal je de knollen uit de grond en bewaar je ze vorstvrij. Met deze aanpak blijven ze gezond en klaar voor een nieuw seizoen.

tekst Nicolien van Doorn
datum 01-10-2023
update 03-05-2026

Een sterk punt van dahlia’s is dat ze lang bloeien. Het begint in juni en houdt soms op tot aan de eerste nachtvorst. En daarmee hebben we meteen een minpuntje te pakken: dahlia’s zijn niet winterhard. Ze kunnen dus geen graadje nachtvorst hebben en ook al niet tegen bevroren worden.

Dahlia’s worden gerekend tot de zomerbollen. Strikt genomen zijn het geen bollen maar knollen: massief van binnen, zonder de ‘rokken’ die je bij tulpenbollen ziet.

Wanneer en hoe rooi je dahlia’s?

Over het moment waarop dahlia’s de grond uit moeten, verschillen de meningen. Wel is het zo dat hoe langer ze in de grond blijven, hoe beter ze bestand zijn tegen de lange winterrust. Een paar graden vorst kunnen ze best hebben. Je hoeft ze dus pas te rooien als de planten na een zware nachtvorst bovengronds bevroren zijn. Dat kan begin november zijn, maar evengoed een maand later.

Als het moment daar is, knip je de plant af tot je een stengel van ongeveer 7 centimeter overhoudt. Steek een riek in de grond en duw daarmee van alle kanten tegen de knollen, zodat je ze langzaam maar zeker uit de grond kunt trekken. Op zware kleigrond kun je misschien beter een spade gebruiken. Schud de grond van de knollen af of spuit ze met een tuinslang schoon.

Heb je dahlia’s in potten gehad, zet die dan half oktober op een plek waar ze beschut zijn tegen de regen. Na een zware nachtvorst knip je de stengels af en zet je de potten met knollen op een vorstvrije, droge plek.

Na het rooien en bewaren

Er zit niets anders op: voordat de winter inzet, moeten de knollen de grond uit. Ben je iemand met een vooruitziende blik, dan hang je van tevoren etiketten aan de stelen met de naam erop. Laat de knollen eerst een paar dagen drogen, zodat het water uit de stengel kan lopen. Draai ze daarvoor op de kop. Berg ze pas op als ze goed droog zijn. Beschadigde of rotte plekjes snijd je weg.

Er zijn verschillende manieren om de knollen te bewaren. Je kunt ze in kranten verpakken, in papieren zakken doen of in een doos of krat met droog zand of oude potgrond. Zorg ervoor dat ze luchtig liggen. Leg ze op een koele, droge plek, bijvoorbeeld een kelder, schuur of garage. Controleer in de winter af en toe of de knollen nog goed zijn.

De knollen die je zo bewaart, kun je in het voorjaar weer planten of eerst voortrekken voor een voorsprong.

Dahlia’s in de grond laten: kan dat?

Vind je dit allemaal te veel werk? Dan kun je proberen om de dahlia’s de winter door te helpen door niets te doen. In een milde winter, waarvan er steeds meer komen, kunnen ze in de grond overleven. Is de winter toch streng, dan dek je de knollen af met een dikke laag houtsnippers, compost of stro. En zo niet, dan heb je een goede reden om een nieuwe voorraad aan te schaffen.

Afbeelding

Het Groei & Bloei Tienpuntenplan voor klimaatvriendelijk tuinieren

Tuinieren met respect voor de natuur en het klimaat? Alle tuinen van Nederland vormen samen één grote groene oase en daarmee kan iedere tuinier een belangrijke bijdrage leveren aan het tegengaan van klimaatverandering.

#1 voed de bodem en spit liever niet

  • Schimmels, bacteriën en bodemdiertjes zorgen voor een gezonde bodem. Planten krijgen daarin een goede start en zijn weerbaarder tegen ziekten.
  • Spit zo min mogelijk, zo houd je de bodemstructuur in tact wat belangrijk is voor toe-en afvoer van water & voedingsstoffen.