tekst Janneke Klunder
datum 15-3-2025
update 17-05-2026
Bodembedekkers voor een gezonde tuin
Wat is een bodembedekker precies? Saskia omschrijft het als volgt: “Als je kijkt naar de groei van de plant heb je verschillende types: de letterlijke bodembedekkers groeien en wortelen opzij en vormen op die manier echt een tapijt."
"Daarbuiten heb je planten, zoals veel geraniums, die ook als bodembedekker worden gezien. Ze blijven weliswaar op één plek, maar maken heel lange ranken en bedekken op die manier een groot stuk van de grond. Ze wortelen niet opzij. In mijn lijstje komen beide terug.”
Bodembedekkers zijn een grote plus voor de biodiversiteit, vindt Saskia. “Onder heesters, bomen en andere planten heb je met een bodembedekker geen kale grond, waardoor je ’s zomers koelere grond houdt en ’s winters warmere."
"Ook komt er meer humusvorming, doordat plantdelen die afsterven in de grond terechtkomen. Dit bevordert het bodemleven en ander dierenleven dat zich onder planten afspeelt. Het gaat dus niet alleen om de bloemen die insecten aantrekken, ook om het bladerdek dat voor veel beestjes een schuilplek vormt en een plek om eten te vinden. Egels, muisjes, vogels, insecten - allerlei gespuis. Daar zijn bodembedekkers heel goed voor.”
Wil je een bredere vergelijking? Bekijk dan onze 10 beste bodembedekkers
Welke bodembedekkers blijven 's winters mooi?
Onder de bodembedekkers bestaan er zonaanbidders, maar de meeste zijn bestemd voor de schaduw met bloei in de lente. “Dat komt doordat ze van nature vaak onder loofbomen en bladverliezende heesters groeien. Ze moeten het echt hebben van het voorjaar en maken juist dan hun bloemen, want dat is in de natuur de beste tijd: er komt het meeste zonlicht door de bomen heen.”
Saskia raadt aan om bodembedekkers samen met andere planten te gebruiken. “Sowieso is het leuk om een bodembedekker te combineren, anders wordt het al best snel saai. Sneeuwklokjes en bosanemonen bijvoorbeeld kunnen een totale bodembedekking vormen, maar verdwijnen in de zomer. Combineer ze met soorten die ’s zomers wel blijven. De meeste van de acht planten die ik koos zijn wintergroen, maar bijvoorbeeld Tiarella kan in strenge winters wel zijn blad verliezen.”
Wat zijn de beste bodembedekkers voor biodiversiteit?
foto Wiert Nieuman
1. Lievevrouwebedstro (Galium odoratum)
Pluspunt: goed te combineren met hoge planten
Minpunt: kan zich behoorlijk uitbreiden, maar is goed in toom te houden
Biodiversiteit: de nectarrijke bloempjes lokken (zweef)vliegen, wilde bijen en hommels
Bloei: wit in april-mei
Combineren: met grotere planten zoals salomonszegel (Polygonatum), Geranium phaeum, damastbloem, akelei of judaspenning
Standplaats: (half)schaduw
Groeiwijze: matvormend door middel van uitlopertjes
Hoogte: 15-30 centimeter
‘Lievevrouwebedstro is een bodembedekker met zoetgeurende bloemetjes en is inheems in de Europese bossen. De bladvorm vind ik heel mooi, al die sterretjes boven elkaar. Houdt van een plekje onder bomen of struiken in losse, vochthoudende, humusrijke grond, liefst met wat kalk erin. Lievevrouwebedstro is eetbaar, een echte insectenplant en kan als tapijtje dienen tussen grote planten.’
Ook andere walstro's, zoals geel walstro (Galium verum) en glad walstro (Galium mollugo), zijn waardevol voor insecten en in onze webshop te krijgen als schoon zaad.
2. Rotsooievaarsbek (Geranium macrorrhizum ‘Czakor’)
Pluspunt: zeer robuust, onverwoestbaar
Minpunt: bloeit niet heel lang
Biodiversiteit: goede bijen- en vlinderplant, ’s winters beschutting voor insecten en kleine dieren
Bloei: helderroze in mei-juni
Combineren: met grasachtigen als leliegras (Liriope), Tiarella en planten met afwijkende bloei- of bladvorm
Standplaats: zon en schaduw
Groeiwijze: vormt snel een dicht tapijt door middel van rhizomen
Hoogte: 30-40 centimeter
‘Deze cultivar van rotsooievaarsbek heeft opvallend zuurstokroze, vrolijke bloemetjes en is een zeer sterke bodembedekker, ook in droge schaduw. Ik vind het een heel leuke, heldere kleur, zeker als je hem niet in een heel grote groep gebruikt. Het aromatische blad kleurt in de herfst oranjerood.’
3. Kruipend zenegroen (Ajuga reptans ‘Catlin’s Giant’)
Pluspunt: de forsere bloeiaren dan de gewone Ajuga
Minpunt: hangt op droge grond snel slap, heeft moeite met lange periode van droogte
Biodiversiteit: bijen- en hommelplant, het winterse bladerdek is nuttig voor kleine beestjes
Bloei: paarsblauw in mei-juni
Combineren: met tamelijk sterke buurplanten als Geranium macrorrhizum, Brunnera, varens of Pachyphragma macrophyllum
Standplaats: halfschaduw
Groeiwijze: vormt een tapijt van rozetten via uitlopertjes
Hoogte: 10-30 centimeter
‘Deze cultivar is een robuuste variant van het inheemse kruipend zenegroen, met een opvallend grote bloeiwijze en fors, purperkleurig glanzend blad. Prachtig. Hij is bekroond met een RHS Award of Garden Merit. Groeit goed dicht, dus je krijgt er niet veel gaten in.’
4. Kaukasische look-zonder-look (Pachyphragma macrophyllum)
Pluspunt: de goede prestatie in de droge schaduw
Minpunt: nee
Biodiversiteit: trekt veel wilde bijen en het oranjetipje
Bloei: wit in maart-april
Combineren: met hogere schaduwplanten onder heesters, zoals varens; bepaalde asters of hoge narcissen
Standplaats: (half)schaduw
Groeiwijze: stoelt uit en zaait licht
Hoogte: 20-40 centimeter
‘Kaukasische look-zonder-look is echt een fantastische, heel sterke bodembedekker en is niet kieskeurig qua grond en vocht. In het voorjaar trekt de opvallende witte bloesem kleine wilde bijen en het oranjetipje, dat de pinksterbloem en look-zonder-look als waardplanten heeft. Heeft een heel natuurlijke uitstraling. Het is eigenlijk een soort grote look-zonder-look, maar lijkt ook een beetje op de pinksterbloem met zijn leuke pinksterbloemachtige bloei boven mooi rond blad. Dat kan donkere, moeilijke schaduwplekken heel erg opfleuren.’
"De smeerwortel ‘Hidcote Pink’ is niet inheems, maar er komen zó veel hommels en bijen op af als-ie bloeit, dat is geweldig." — kweker Saskia van Wijk
5. Smeerwortel (Symphytum grandiflorum ‘Hidcote Pink’)
Pluspunt: het grote insectenbezoek
Minpunt: sterke uitbreidingsdrang
Biodiversiteit: trekt al vroeg hommels, die prikken een gaatje in de bloem om bij de nectar te komen
Bloei: perzikroze-wit in april-juni
Combineren: kijk uit met kwetsbare plantjes; goede buur voor Geranium macrorrhizum of sterke, forse planten als varens, Rodgersia (schout-bij-nacht), herfstanemoon, geitenbaard (Aruncus) of bepaalde astersoorten
Standplaats: (half)schaduw
Groeiwijze: sterk uitstoelend
Hoogte: 15-35 centimeter
‘Deze smeerwortelcultivar is een zeer goede en sterke bodembedekkende plant, ook in droge schaduw. Het mooie vind ik dat-ie zijn leuke perzikroze met witte bloembuisjes een stuk hoger draagt dan de gewone kruipende smeerwortel. De plant is niet inheems, maar er komen zó veel hommels en bijen op af als-ie bloeit, dat is geweldig. Vormt redelijk fors blad dat een echte deken vormt.’
6. Schuimbloem (Tiarella cordifolia)
Pluspunt: de prachtige bloei
Min: gevoelig voor emelten en engerlingen
Biodiversiteit: trekt verschillende insecten, bijen en vlinders
Bloei: roomwit in april-mei
Combineren: met wat lagere schaduwplanten als Epimedium (elfenbloem), Helleborus, Pulmonaria (longkruid) of een andere bodembedekker.
Standplaats: (half)schaduw
Groeiwijze: matvormend door middel van liggende stengeluitlopertjes
Hoogte: 10-30 centimeter
‘Schuimbloem is een uitstekende voorjaarsbloeiende bodembedekker voor een plek in de schaduw. Hij bloeit pluizig met van die kleine sterretjes, in roomwit met soms een vleugje roze. Groeit heel goed opzij en vormt snel een tapijtje onder bomen. Tiarella blijft tamelijk laag en kan leuk tussen andere planten doorgroeien. Dus ook onder bomen, hoewel hij het meest van een beetje losse, vochthoudende grond houdt.’
foto Wikimedia
7. Zeepkruid (Saponaria sicula subsp. intermedia)
Pluspunt: zeer lange bloeitijd
Minpunt: zet ’m vanwege de breedte niet direct langs het looppad
Biodiversiteit: wordt door bijen bezocht
Bloei: zachtroze in juni-september
Combineren: met Geranium sanguineum-cultivars en andere droogtebestendige planten of grassen; in een bak met meer opgaande planten
Standplaats: zon
Groeiwijze: de lange, liggende ranken vormen een ‘roze wolk'
Hoogte: 25-50 centimeter
‘Zeepkruid is een breed uitspreidende bodembedekker die eindeloos bloeit, overladen met zachtroze bloemetjes. Geschikt voor droge, zonnige plekken in stenige grond. Deze Saponaria wordt algauw een breed, roze kussen. Is vooral leuk in bakken of over een (verhoogd) randje. In tegenstelling tot zijn inheemse zusje (Saponaria officinalis) woekert deze absoluut niet. Knip de lange ranken af en toe terug, dan heb je bloei tot aan de vorst.’
8. Perzische kruisjesplant (Phuopsis stylosa ‘Purpurea’)
Pluspunt: zijn hele voorkomen
Minpunt: wordt vrij breed en kan licht woekeren (niet lastig weg te krijgen)
Biodiversiteit: trekt veel vlinders
Bloei: purperroze in juni-augustus
Combineren: langs allerlei plantjes en randjes, bovenaan langs een wadi, met afwijkende bladtypes en grootbladigen
Standplaats: zon-halfschaduw
Groeiwijze: matvormend door middel van uitlopertjes
Hoogte: 15-20 centimeter
‘Perzische kruisjesplant komt van oorsprong uit Noord-Iran en is een sterke, langbloeiende bodembedekker. Heeft een veel sprekender, intenser roze kleur dan de gewone soort Phuopsis stylosa. Als je planten van Phuopsis in de auto hebt liggen om mee naar huis te nemen, ruik je net een wietlucht. Dat ruik je alleen in een besloten ruimte. Doet het leuk op muurtjes, tussen stenen, onder struiken of langs het pad, liefst in doorlatende, niet te droge grond.’
Veelgestelde vragen over bodembedekkers voor biodiversiteit
Welke bodembedekker is het beste voor wilde bijen en hommels?
Vooral de smeerwortel Symphytum grandiflorum 'Hidcote Pink' trekt al vroeg in het seizoen veel hommels aan, die een gaatje in de bloem prikken om bij de nectar te komen. Ook de Kaukasische look-zonder-look (Pachyphragma macrophyllum) is in het voorjaar een belangrijke vroege bron voor wilde bijen.
Welke bodembedekker bloeit het langst voor vlinders?
De Perzische kruisjesplant (Phuopsis stylosa 'Purpurea') bloeit van juni tot augustus en trekt veel vlinders. Saponaria sicula is qua bloeiduur de uitschieter: van juni tot september roze bloemetjes, geschikt voor droge, zonnige plekken.
Welke bodembedekker werkt in de schaduw onder bomen en struiken?
Voor schaduwplekken onder loofbomen zijn lievevrouwebedstro (Galium odoratum), schuimbloem (Tiarella cordifolia) en Kaukasische look-zonder-look (Pachyphragma macrophyllum) goede keuzes. Alle drie groeien ze van nature onder bomen en bloeien ze in het voorjaar, wanneer er nog veel licht door de kale takken valt.
Nog meer bodembedekkers
De expert
Saskia van Wijk runt sinds 2018 Sas’ Mini-Kwekerij in het Gelderse Brummen. Op de kleine dorpskwekerij vind je een verrassend assortiment vaste planten, siergrassen en enkele eenjarigen, waarvan vele aantrekkelijk zijn voor bijen en vlinders. sasminikwekerij.nl