tekst Janneke Klunder
datum 27-11-2024
update 06-06-2026
Winterbloeiers voor mens en dier
"De wintertijd is de rusttijd voor veel insecten. Laten we daar helder in zijn", zegt Kees Verrips, imker van Imkerij De Werkbij, een sociale onderneming met meer dan 30 honingsoorten. "Dat wij bloei in de winter willen, is vooral voor onszelf, omdat we dat prachtig vinden."
Dat er in de koudste maanden nagenoeg geen inheemse planten bloeien, heeft een eenvoudige reden. "Een plant bloeit om nakomelingen te krijgen, en daarvoor moet stuifmeel op de stamper komen. Bij de meeste bloemen lukt dat niet vanzelf: een bestuiver moet van bloem naar bloem. Dat kan ook de wind zijn, zoals bij de hazelaar."
Maar het gros van onze planten is afhankelijk van insecten. "En welke insecten zijn er 's winters? Niet zo veel. Een honingbijenvolk vliegt pas zodra het 10 tot 15 °C is, en als bloemen dan toevallig bloeien, worden ze bevlogen."
"Hetzelfde geldt voor een vroege hommel. Maar was die al met zijn nestje begonnen en gaat het weer vriezen, dan heeft-ie een probleem."
Toch zijn er acht planten die de moeite waard zijn, voor mens én dier. "De spannendste beginnen al in november te bloeien en gaan de hele winter door, met een bloei die soms doorloopt tot in april. En er zijn er waar inheemse bijen op afkomen."
"We maken onze tuinen schaduwrijker en groener, met minder steen. Geweldig voor een zomerdag, maar wat groeit er in de wintermaanden? Een winterbloeier vult dat gat, zodat er jaarrond iets groens te zien is."
Veel winterbloeiers zijn juist echte schaduwplanten, die het ook onder bomen en tegen een noordmuur prima doen.
foto iBulb
1. Sneeuwklokje (Galanthus nivalis)
‘Gewoon sneeuwklokje is een dankbare tuinplant. Een vroege bloeier. Veel vroegbloeiers zie je onder struiken en bomen, omdat die nog niet in het blad zitten en er dus veel licht is. Na de bloei is schaduw ook prima. Op een zuidhelling, op een beschutte, zonnige plek kunnen sneeuwklokjes al in december gaan bloeien. Dan verschuift je bloeiperiode. Plant ze gespreid, krijgen ze de kans om pollen te vormen.’
Plus: bodembedekkend op schaduwplekken, en een klassieke verwilderingsbol
Min: kan zich flink verspreid; af en toe scheuren en opnieuw poten
Biodiversiteit: zodra de temperatuur goed is, zie je hommels en honingbijen komen. Absoluut een plant die qua hoeveelheid nectar en pollen een geweldige bijdrage levert
Bloei: februari-maart, soms december-januari
Inheems: ja
foto wiki commons
2. Wintersneeuwbal (Viburnum x bodnantense)
‘Wintersneeuwbal bloeit in november, dat is het allerbelangrijkste aan deze heester. Hij hoort eigenlijk niet in ons klimaat want hij ontwikkelt geen bessen. Er is geen bestuiving en de bloemen en vruchten zijn vorstgevoelig. Heeft de aardigheid dat de bladeren bruinachtig beginnen en snel verkleuren naar groen. Dat is grappig, maar de roze bloei is waarvoor je hem neerzet. Ik zou hem in een boswalletje of haag opnemen, niet solitair.’
Plus: de bloei is fantastisch; ook andere Viburnums bloeien midden in de winter
Min: er is geen vruchtrijping
Biodiversiteit: in de zeldzame gevallen dat de temperatuur dusdanig hoog is dat overwinterende vlinders of bijen wakker worden, hebben zij wat te knabbelen
Bloei: november-maart
Inheems: nee
3. Gevlekt longkruid (Pulmonaria officinalis)
‘Gevlekt longkruid is de wilde soort van de pulmonaria’s, loofbos is zijn oorspronkelijke habitat. Voordat de plant vol tot ontwikkeling komt, zit de bloei er al in. In het voorjaar bloeien ze met roze-paarsachtige bloemetjes. De spikkeltjes op de groene bladeren vind ik geweldig. Als je een paar bomen hebt staan, zet daar pulmonaria’s onder.’
Plus: de spikkeltjes op de bladeren, laat zich makkelijk scheuren en verplanten
Min: geen
Biodiversiteit: de gewone sachembij vliegt vooral op gevlekt longkruid; vroege, inheemse voorjaarsvliegers komen erop af
Bloei: maart-mei
Inheems: ja
foto Wiki commons
4. Vleesbes (Sarcococca hookeriana)
‘Vleesbes is een kleine, groenblijvende heester uit de Himalaya-regio. Deze winterbloeier wordt toegepast in openbaar groen. Wordt maximaal 80 cm hoog en heeft dus bodembedekkende eigenschappen. Bloeit al in februari, maart met een gigantische geur. En áls er vlucht is van bijen, zitten ze erop. Er komen zwarte bessen na de witte bloemen. Absoluut een levendig gebeuren.’
Plus: de geur (lees meer over Sarcococca hookeriana)
Min: komt exotisch over met glanzend blad, echt een outsider in de winter
Biodiversiteit: extra aantrekkelijk voor bestuiving door de bloem met nectar en de geur; zodra het vliegtijd is, zitten er bijen op
Bloei: februari-maart
Inheems: nee
5. Winterkamperfoelie (Lonicera fragrantissima)
‘In het zuiden, bijvoorbeeld in Frankrijk, is winterkamperfoelie heel mooi als je kijkt naar de beestjes die erop vliegen. In Nederland zie je weinig insecten op zo’n struik die in de winter bloeit, alleen af en toe een vlinder. Hij is wel erg mooi, een ondersoort die je erbij kunt hebben. Als hij bestoven wordt, is dat door een verdwaalde, vroeg wakkere hommel of honingbijen.’
Plus: de bloei
Min: levert minder bijdrage aan de biodiversiteit dan de wilde kamperfoelie
Biodiversiteit: voegt weinig toe|
Bloei: januari-maart
Inheems: nee
6. Voorjaarshei (Erica carnea)
‘Van voorjaarshei hoef je geen hele tuin vol te zetten. Als je een vierkante meter hebt, geeft dat al veel vlucht van honingbijen, hommels en vroege vlinders. Eigenlijk moet je het gedrag van schaapskuddes op heidevelden nadoen: afgrazen dus. Dat betekent na bloei en zaadvorming kort knippen, zodat-ie weer kan uitlopen. Als dat niet doet, ziet het eruit alsof de heide verbrand is. Korte heide bloeit natuurlijk intensiever dan oude struiken.’
Plus: de ruime nectargift
Min: een specifiek ding om te combineren met andere elementen in de tuin
Biodiversiteit: hommels, honingbijen, een trekvlinder of verdwaalde vlinder die er al vroeg bij is
Bloei: januari-maart
Inheems: nee
7. Sleutelbloem (Primula vulgaris en Primula elatior)
‘Stengelloze sleutelbloem (Primula vulgaris) en slanke sleutelbloem (P. elatior, zie foto) zijn vroege bloeiers. De sleutelbloemenfamilie is belangrijk voor insecten. P. vulgaris blijft laag, zo’n 10 tot 15 centimeter, terwijl P. elatior 20 tot 30 centimeter hoog wordt en bloemen in trosjes op een steel draagt. Daardoor oogt hij wat voller. P. vulgaris kun je goed tussen het gras zetten, waar hij zijn gang mag gaan.’
Plus: de bloemen zijn geweldig, tussen het groen, met wit en een geel hartje en soms een oranje plekje erin
Min: je moet ze herkennen als ze uitgebloeid zijn, want dan vallen ze niet meer op
Biodiversiteit: er vliegen veel insecten op; er zijn geen specifieke soorten van afhankelijk
Bloei: maart-mei
Inheems: ja
8. Nieskruid (Helleborus argutifolius)
‘Corsicaans nieskruid is een echte winterbloeier. Afkomstig van mediterrane grond, maar bij ons heeft bloei in de winter minder zin. Deze hebben we vooral omdat we hem mooi vinden. Prachtig natuurlijk dat, als er toch iets vliegt, het hierop terechtkan. In tijden van stijgende temperaturen is dat interessant om te volgen. Misschien zie je straks wel insecten op Helleborus vliegen die we daar tot nu toe niet op zagen.’
Plus: leuke opsteker als zo’n plant bloeit in een beschut, licht beschaduwd hoekje. Er is keuze genoeg: bekijk onze 10 favoriete helleborussen
Min: slakken zijn er gek op
Biodiversiteit: heeft iets meer toegevoegde waarde op een gunstige plek, zodat-ie tot in april kan bloeien
Bloei: januari-april
Inheems: nee
Het hele jaar bloei voor de bij
Wil je nog meer kleur in het vroege jaar? Bekijk onze tien vroegbloeiende heesters.
En wil je je tuin het hele jaar aantrekkelijk houden voor insecten? Lees hoe je met de bijenboog jaarrond voedsel voor bijen en vlinders biedt.