tekst Fransje van Dorp
datum 15-12-2025
Het begrip bloeiboog is bij veel tuiniers bekend, maar Groei & Bloei spreekt liever over een voedselboog. Want ook planten die (nog) niet bloeien, leveren voedsel en schuilplekken voor insecten, vogels en andere dieren. In een tuin waar groei-, bloei- en vruchtmomenten elkaar opvolgen, ontstaat zo een doorlopende voedselketen. Het hele jaar door.
De boerenkrokus als startpunt van de voedselboog
Krokussen horen bij de vroegste bloeiers. Dat geldt zeker voor de boerenkrokus (Crocus tommasinianus), die soms al in januari boven de grond piept. Dat is precies de reden waarom deze stinzenplant zo waardevol is. Met boerenkrokussen in de buurt kunnen wakker geworden bijen, hommels en overwinterende vlinders meteen voedsel vinden.
Leuk aan de boerenkrokus is ook dat die zich flink vermeerdert. Enerzijds via de ondergrondse knolletjes, maar ook doordat de zaden heel aantrekkelijk zijn voor mieren. Er zit een voedzaam uitsteeksel op – het mierenbroodje – waar mieren gek op zijn. Ze slepen het zaad mee naar hun nest en zorgen zo voor de verspreiding.
Meer schakels in de voedselboog
De boerenkrokus staat niet op zichzelf. Ook andere planten spelen, ieder op hun eigen moment, een rol in de voedselboog:
-
Papierstruik (Edgeworthia chrysantha)
Vaak verschijnen de trosjes al in januari en omdat de takken dan nog kaal zijn, vallen ze extra op. Elk bloempje heeft de vorm van een trompet: diepgeel aan de binnenkant en zilverwitte haartjes aan de buitenkant. Ze geuren heerlijk. Ook insecten worden daardoor aangetrokken. -
Hazelaar (Corylus avellana)
Een zeer vroege bloeier en windbestuiver, maar vooral belangrijk door de noten. Die vormen voedsel voor vogels en kleine zoogdieren. -
Venkel (Foeniculum vulgare)
Niet alleen de bloei is waardevol: in zaden en stengels overwinteren insectenlarven. Voor vogels zijn die een belangrijke voedselbron in de winter.
Tuinieren met de voedselboog in gedachten
Wie in de tuin rekening houdt met de voedselboog, denkt verder dan bloemen alleen. Door planten te laten staan, vroege bloeiers aan te planten en ook zaden en structuren te waarderen, ontstaat een tuin die dieren het hele jaar door ondersteunt. Juist in de winter maakt dat het verschil.