tekst Katja Staring
beeld Martin van Lokven
update 08-06-2026
Waarom komen er (ineens) geen vogels in mijn tuin?
Vraag je je af waarom er weinig of ineens geen vogels in je tuin komen? Dan ontbreekt er meestal iets van de 3 V's: te weinig voedsel, te weinig veilige schuilplekken of te weinig nestgelegenheid. Een strak opgeruimde tuin met weinig variatie heeft vogels simpelweg weinig te bieden.
Breng meer gelaagdheid aan met hogere bomen, dichte struiken en planten in allerlei hoogtes, voeg wat water toe, en laat in de herfst en winter uitgebloeide planten staan. Dan komen de vogels vanzelf.
Veel uitgebloeide planten hebben bovendien een mooi wintersilhouet.
- Wil je je hele tuin omtoveren tot een paradijs voor vogels, vlinders en insecten? De special Vogel- en Vlindertuin geeft op 156 pagina's concrete tips over beplanting, schuilplekken en voedselbronnen, samengesteld met de Vlinderstichting en Vogelbescherming Nederland.
Hoe maak je een vogelvriendelijke tuin?
Anna Kemp is jarenlang werkzaam geweest bij de Vogelbescherming Nederland, onder andere als vogeltuindeskundige. Zij en haar partner streken ruim twaalf jaar geleden neer in een boerderij in Sinderen, ver in de Achterhoek. Daar hebben ze het terrein om hun huis, toen een weiland, omgeturnd tot het vogelparadijs NatuurlijkBUITEN, met een theeschenkerij voor passanten.
Anna laat met haar tuin zien hoe je meer vogels in je tuin krijgt door een natuurlijk, gevarieerd leefgebied te creëren.
Anna: “In 2009 zijn we hier begonnen. Eerst zijn we gaan wonen en ervaren. Wat is er allemaal? Waar moeten we rekening mee houden? Waar schijnt de winterzon? Wat is het uitzicht? Het beste is alles eerst goed tot je te laten doordringen en dan pas plannen te maken. Want in de loop van het jaar veranderen omstandigheden, of je komt erachter dat wat je in eerste instantie had bedacht, beter niet kunt doen. Al tijdens het proces stel je weer bij en dat is goed.”
Wat hebben tuinvogels nodig? De 3 V's
Maar hoe krijg je ook zoveel interessante vogelsoorten in een jaar naar je tuin gelokt? Nou, als je de tuin van Anna ziet, is dat gelijk duidelijk: maak er een gevarieerde dwaaltuin van. Een vogelparadijs bestaat uit verschillende biotopen, die van alles te bieden hebben aan verschillende vogels. Zo'n gevarieerde, levende tuin is meteen goed voor de biodiversiteit.
Wie meer tuinvogels wil lokken, benadrukt Anna, kan het beste beginnen met de 3 V’s: voedsel, veiligheid en voortplantingsplekken. “Voedsel betekent eten voor ouders en jongen. Elke vogel heeft een andere voorkeur. Maar vrijwel alle tuinvogels zijn op jacht naar eiwitten voor hun jongen en die vinden ze in bladluizen, insectenlarven en insecteneitjes, meestal op groene planten en in bomen."
"In het najaar en in de winter eten de meeste vogels zaden en bessen. Voor veiligheid hebben ze schuilplekken in dichte bosjes, hagen en heggen, liefst met doorns nodig en voor voortplantingsmogelijkheden nestelplekken. De veilige bosjes zijn meestal tegelijkertijd goede nestelplekken, net als wat hogere bomen met holtes.”
Welke beplanting trekt vogels?
En dan is er nog een overkoepelende V, namelijk die van variatie in beplanting: een van de belangrijkste manieren om het hele jaar door meer vogels naar je tuin te trekken. Die gaat over zowel voedsel, veiligheid én voorplanting. Met een lekker afwisselende beplanting zorg je voor het interessantste leefgebied. “Breng gelaagdheid in je tuin met hogere bomen, middelhoge struiken en verschillende planten in allerlei hoogtes”, legt Anna uit.
“Die diversiteit doet zoveel. Een tjiftjaf bijvoorbeeld, die houdt van dicht struikgewas. Dat krijg je als je struiken met doorns, zoals meidoorn of de hondsroos een paar keer snoeit, dan ontstaat er een ondoordringbare bosschage. Dat vinden ze fantastisch om tussen te nestelen en ze kunnen er prima schuilen tegen roofvogels en katten! Dichte bosschages kun je ook realiseren met gevarieerde klimplanten tegen pergola’s en schuttingen.”
Verder is variatie in bloei van belang. Zowel in het type bloemen, als in bloeitijd. Dan trek je een zo lang mogelijke periode verschillende insecten. Anna: “Je kunt al heel vroeg in het jaar beginnen met bloembollen. En de bloei van allerlei najaarsbloeiers loopt ver door, zolang er geen vorst is vaak tot half november nog wel. Ook bloeiende klimop trekt nog laat in het jaar talloze insecten en juist vroeg in het voorjaar draagt die als enige bessen. Snoei klimop dus niet te rigoureus.”
Vogels eten plaagdieren in je tuin
“Mensen willen pinda's en graantjes buiten leggen en dat is ook leuk, om zo vogels te lokken,” zegt Anna, “maar ze zouden in je tuin juist zelf hun voedsel moeten kunnen vinden. Vogels eten bijvoorbeeld allerlei plaagdieren. Zo eten huismussen en mezen heel veel bladluizen. Dus die helpen je om je planten gezond te houden."
"Hetzelfde gebeurt met de kardinaalsmuts, die ziet er in het voorjaar op een bepaald moment ineens niet meer uit: helemaal vol spinsels met rupsjes. De heester lijkt een poos helemaal dood. Maar dan komen de vogeleieren uit en wordt de ene na de andere rups er door de vogelouders uitgevist en naar de jongen gebracht. Na een maand zie je niets meer van die schade, de struik herstelt zich helemaal.”
Moet je vogels bijvoeren?
Als je vogels toch wilt bijvoeren, bedenk dan dat ze in de broed- en voerperiode eiwitrijk voedsel zoals rupsen, wormen, luizen, spinnen en andere insecten nodig hebben. Als de vogels de jongen groot hebben gebracht, dan gaan ze weer over op zaden. Anna: “Je ziet ze dan aan grasaren of een kaardenbol hangen, zoals het puttertje, die ook de zaden van een paardenbloem graag eet. Het zijn vooral de oliehoudende zaden die voedzaam zijn. Zoals de zonnebloempitten, koolzaad en raapzaad.” Dus wilde planten mogen ook blijven staan en in zaad schieten.
Laat in de herfst en winter de tuin voor wat-ie is, benadrukt Anna. “Vogels hebben er dan nog zoveel te vinden wat jij helemaal niet In de gaten hebt. Om en in die afgestorven planten krioelt nog van alles wat zij als voedsel kunnen meepikken. En ze vinden er zaden.”
Laat een deel van je gras staan voor vogels
Een stuk gras is ook een must als je aan gevarieerde beplanting en bloei denkt. Anna: “Liefst laat je een deel wat hoger en maai je er alleen een paadje door. Je kunt zeker af en toe grasmaaien, maar doe het soms hier, dan weer daar. Als je het maait, krijg je madeliefjes, als je niet maait groeien ereprijs en klavers. Op zo’n wilde weide komen insecten af én zijn later dus zaden te vinden.”
Door wilde planten te laten staan, vergroot je de kans op een echt vogelvriendelijke tuin. Als je plaats hebt, leg dan een takkenril aan, adviseert Anna. Dat is een dubbele rij verticale stammen die een heleboel horizontaal snoeihout kunnen herbergen. Het is een mooie afscheiding van een tuingedeelte, maar ook een fantastische natuurlijke voedselplek voor vogels.
Anna: “Wij hebben er eentje in de zon en eentje in de schaduw. Dat vormen twee heel verschillende biotopen. De donkere is vochtiger en trekt andere insecten. En ook bovenin - droger - en onderin - vochtiger - zit weer ander leven. Daar gaan vogels graag in frummelen om te zoeken naar eten. In het najaar zie je er allerlei zwammetjes op komen. Het is een eigen wereldje op zich.” Heb je geen plaats voor zo’n ril, dan voldoet ook een stapel snoeihout in een hoek.
Water in de tuin voor vogels
Ook is het belangrijk om water toe te voegen, raadt Anna aan. “Drinkgelegenheid is ’s zomers belangrijk voor vogels, maar ook voor insecten. Een waterbak met een bolletje mos waar de insecten op gaan zitten om water te drinken is zo leuk om te zien.” Als het even kan, neem dan een vijver, raadt Anna aan.
“Daar komen ook weer andere vogels op af. We zien ze in onze vijver elke dag badderen en ’s avonds scheren de vleermuizen eroverheen, die een slokje water pakken en tegelijkertijd insecten eraf grijpen. De laatste jaren hebben we moedige waterhoentjes die komen broeden.”
Nestgelegenheid: vogelkastje of natuurlijk?
Sommige mensen vragen zich af waarom er toch geen vogel bij ze in de wintertuin komt, maar dat kan er dus liggen aan dat er te weinig van de 3 V’s te vinden zijn. Een vogelkastje ophangen is sympathiek, maar zorg dan wel dat ook de rest van de tuin vogelvriendelijk is. “Liever laat je vogels zelf hun nestelplaats regelen”, aldus Anna.
“Nu onze bomen wat ouder zijn geworden, vinden vogels zelf holtes om te nestelen. Ook zien we op de gekste plekken een nest gebouwd worden, zoals in een insectenhotel. Daar zat dit voorjaar een gekraagde roodstaart in met jongen. Verder heb ik ooit in een spontaan opgehangen decoratief takkenbosje een nest van een winterkoning gehad. Dat bedenk je van tevoren niet.”
Zelf kijken
NatuurlijkBUITEN, Toldijk 11, 7065 AL Sinderen (Gld), natuurlijkbuiten.nl
Een vogelbosje voor meer vogels
De basis van een vogelvriendelijke tuin is een vogelbosje: een dichte aanplant van bessenstruiken en heesters die voedsel, schuilplek en nestgelegenheid in één bieden. Welke struiken het beste werken — van sporkehout tot meidoorn — en hoe je het aanlegt en onderhoudt, lees je in een vogelbosje aanleggen.
Houtwal van gestapeld takhout.
Bloeiende kruiden die vogels (via insecten) aantrekken
Veel vogels komen op insecten af, en die vliegen massaal op aromatische kruiden en schermbloemen. Deze soorten passen perfect in een vogelvriendelijke border:
Aromatische kruiden:
- Lavendel
- Salie
- Tijm
- Wilde marjolein
Schermbloemigen:
- Fluitenkruid
- Pastinaak
- Dille
- Zevenblad
- Roomse kervel
- Venkel
- Wilde peen
- Inheemse bereklauw
- Engelwortel
- Koriander
- Selderij
- Lavas
Heesters voor een compact vogelbosje
Heb je wat meer ruimte? Dan kun je een klein bosje aanleggen met deze inheemse struiken en heesters die vogels aantrekken:
- Drents krentenboompje
- Gelderse roos
- Haagbeuk
- Hazelaar
- Hulst
- Kornoelje (gele of rode)
- Liguster
- Meidoorn
- Sporkehout (vuilboom)
- Veldesdoorn
21 planten voor een levende tuin
Veel van deze soorten staan ook in onze lijst met 21 planten voor een levende tuin
Toch bijvoeren?
Wil je vogels toch bijvoeren? Maak dan zelf een vogeltaart van zaden en vet, of geef je oude kerstboom een tweede leven als snoepboom voor de vogels.
Toch nestkastje?
Hang je een nestkastje op, maak het dan elk najaar even schoon; dat voorkomt vlooien bij de jonge vogels. Lees hoe je een nestkastje schoonmaakt.
Een tuin vol vogels en vlinders
Wil je je hele tuin omtoveren tot een paradijs voor vogels, vlinders en insecten? De special Vogel- en Vlindertuin geeft op 156 pagina's concrete tips over beplanting, schuilplekken en voedselbronnen, samengesteld met de Vlinderstichting en Vogelbescherming Nederland.