Vogelhuisje van wilgentakken
Wilgentenen zijn niet alleen mooi natuurlijk materiaal, ze zijn ook goedkoop en zelfs gratis. Als je zelf geen wilgenboom hebt, staat er vast wel een in de buurt waarvan je mag knippen. Ambachtelijk vlechten is een hobby van Jac de Cock; hij geeft cursussen en workshops aan G&B-afdelingen. Met deze werkbeschrijving van een vogelhuisje van zijn hand kun je zelf aan de slag.
In het voorjaar bestaat de mogelijkheid dat er een winterkoninkje, kool- of pimpelmees komt nestelen. De rest van het jaar wordt het vogelhuisje gebruikt als schuil- of slaapplaats. Veel succes!
Benodigdheden:
- bosje dunne (3-6 mm) wilgentenen
- plankje met daarop een cirkel getekend met een doorsnede van 9-10 cm
- kistje
- snoeischaar
- priem
- het kistje is slechts een hulpmiddel, mocht je er geen hebben, leg dan twee balkjes onder het plankje
-
1Boor in de cirkel op gelijke afstand elf gaatjes (6,5 mm). Leg het plankje met de gaatjes op het kistje. Steek in elk van de elf gaatjes een wilgenteen (dit zijn de staken) en bindt de tenen bovenin bij elkaar met behulp van een dun wilgenteentje. Laat de tenen aan de onderkant van het plankje een stuk uitsteken om ze in een later stadium (stap 8) af te kunnen werken.
-
2Leg twee wilgenteentjes naast elkaar in en buig steeds de achterste over de voorste heen naar voren.
23668 -
3Vlecht de twee wilgentenen op tot het einde en leg weer twee nieuwe wilgentenen in. Ga zo door en zorg dat de staken mooi in een cirkel blijven staan en steeds verder naar binnen gevlochten worden, zodat een kleine invliegopening gevormd wordt.
-
4Als de opening de gewenste maat heeft wordt elke staak achter de volgende gelegd waardoor er een afgewerkt rand ontstaat.
-
5De laatste staak van de rand wordt met behulp van een priem onder de eerste staak gelegd.
-
6Je kunt nu alle uitstekende wilgentenen wegknippen, maar er ook voor kiezen om met de elf staken nog een extraatje toe te voegen aan het huisje door er nog drie ’paardenstaarten’ van te vlechten.
-
7Met deze vlechten kun je lussen maken waarin je vetbollen en/of pindanetjes kunt hangen. Haal hiervoor een vlecht door de opening bij het invlieggat en trek de vlecht er doorheen totdat de lus groot/rond genoeg is geworden.
-
8Zet de lus vast door een dubbele knoop te leggen in de wilgentenentopjes.
-
9Knip alle restanten van de wilgentenentopjes weg van het huisje.
-
10Leg de staken aan de achterkant van het plankje één voor één achter elkaar en werk de laatste staak onder de eerste met behulp van de priem.
-
11Schilder eventueel het plankje in een gewenste kleur en boor in een van de hoeken een gaatje waaraan je het vogelhuisje ophangt. Aan de lussen kunnen ’s winters vetbollen en pindaslingers gehangen worden.