De nesten zijn plat en worden in dichte bomen als coniferen of met klimop begroeide loofbomen gemaakt van twijgen en stengels. Ze eten zaden, pitten en vruchten en kunnen goed bijgevoerd worden met bijvoorbeeld (zonnebloem)pitten. De turkse tortel kan zich goed aanpassen aan de omgeving en komt dus op de meest uiteenlopende plekken voor.
Foto: Martin Hierck