Afbeelding Astragalus galegiformis: de winterharde vaste plant die voor zichzelf zorgt

Astragalus galegiformis: de winterharde vaste plant die voor zichzelf zorgt

Er zijn niet veel vaste planten waar een kweker na veertig jaar nog steeds vol enthousiasme over praat. Bij Hans Kramer van kwekerij De Hessenhof is dat wel het geval als het om Astragalus galegiformis gaat. Deze bijzondere vlinderbloemige geeft je border al vroeg in het seizoen body, blijft na de bloei maandenlang mooi en vraagt vrijwel niets terug: geen water, geen mest, geen gedoe.

tekst Hans Kramer
beeld Harry de Vries, Agnieszka Kwiecie (Wikimedia)
datum 15-09-2026

Wat is Astragalus galegiformis?

Eigenlijk is het vreemd dat er in de plantenbladen en -boeken nauwelijks wat over de hokjespeul (Astragalus) is geschreven. Laat staan dat-ie is uitgeprobeerd als tuinplant. Want we hebben het hier wel over het grootste plantengeslacht van bloeiende planten ter wereld. Op de website van World Flora Online zijn maar liefst 3.133 soorten geaccepteerd. Ze komen over de gehele wereld voor, behalve in Australië en Nieuw-Zeeland. Iran is met ruim 800 soorten koploper.

Als je Astragalus googelt, stuit je op massa's potjes met pilletjes. Het gaat dan om de gedroogde wortel van A. membranaceus, een bekende geneeskrachtige plant uit de traditionele Chinese geneeskunde (TCM-plant). Van het gigantische aantal beschreven soorten komt echter nog geen handvol voor in ons land. Daarvan is de hokjespeul (Astragalus glycophyllos) het bekendst — een vrij zeldzame, maar niet bedreigde plant. Voor de siertuin heeft de hokjespeul te weinig waarde, maar in wildeplantenmengsels doet hij prima dienst.

Je zou denken dat er tussen die ruim drieduizend soorten wel een paar goede tuinplanten zitten, maar op dat gebied is Astragalus nog onontgonnen terrein. Vroeger, in de hoogtijdagen van de rotstuin, werd Astragalus angustifolius wel gekweekt. Tegenwoordig kom je deze plant alleen nog maar tegen in botanische tuinen. Ook de alpensoort Astragalus centralpinus is in het verleden geprobeerd, maar bleek in ons klimaat maar kort te leven.

Een manshoge vaste plant met een lange levensduur

De plant waar het in dit verhaal om draait, Astragalus galegiformis, leeft wél lang. Extreem lang zelfs. Zijn oorsprong ligt in Turkije, de Kaukasus en Oekraïne, waar hij op droge plekken in wegbermen en puinhellingen groeit. We kweken hem al veertig jaar en zullen dat blijven doen.

Als je deze Astragalus ziet denk je niet meteen aan een rotsplant, want in goede grond kan hij manshoog worden. Bij ons hangt het erg van het voorjaar af. Is het droog, dan haalt de plant hooguit 1,20 meter. Overigens is water geven nooit nodig, want zijn penwortels gaan tot bijna een meter diep de grond in. Kortom, hij is opgewassen tegen klimaatverandering.

De Hessenhof is waarschijnlijk de enige kwekerij die Astragalus galegiformis kweekt, terwijl hij best veel goede eigenschappen heeft die hem echt onderscheidend maken. Om te beginnen is het één van de langlevendste planten op de kwekerij. Op de moederbedden staat een exemplaar al zeker 35 jaar op dezelfde plek. En dan moet je niet denken dat de plant sterk uitloopt of zelfs gaat woekeren, want dat is geenszins het geval. Met zijn steeds dikkere penwortel maakt hij op den duur planten van meer dan één meter in doorsnede, maar in de winter sterft alles weer af tot die ene penwortel.

'We kweken hem al veertig jaar en zullen dat blijven doen.'

Waarschijnlijk doordat die dikke wortels zoveel reserves hebben, haalt de plant, als een van de weinigen, al eind mei z'n volledige hoogte. Het is dus een goede keuze om je border in die tijd al wat body te geven.

Bloei, loof en sierwaarde het hele seizoen

Verder is-ie mooi om te zien. Het grijsachtige geveerde loof, waarvan het blad wel tot twintig deelblaadjes telt, zorgt ondanks z'n hoogte voor een verfijnd uiterlijk. Tegenwoordig kan de plant al vanaf eind mei bloeien met slanke, langwerpige trosjes die uit wel veertig bloemetjes bestaan. Die kleuren al vroeg in het jaar de hele bovenkant van de plant lichtgeel.

Astragalus galegiformis: de winterharde vaste plant die voor zichzelf zorgt


Na de bloei blijft de plant mooi. Het loof blijft mooi groen en er worden kleine, tot 1,5 centimeter lange bruine peultjes gevormd met daarin zo'n drie tot vijf zaden. Die blijven er heel lang in zitten en zo is de plant tot diep in de herfst nog steeds mooi. Bij droog weer en een beetje wind hoor je de zaden ritselen in de peulen, een bijzonder leuk geluid. En al die tijd houden de planten hun recht opgaande habitus. Tenslotte: bijen en hommels bezoeken de bloemen graag!

Waarom deze plant zo onderhoudsvrij is

Als Astragalus galegiformis bloeit, zie je gelijk dat de plant tot de Fabaceae behoort, de familie van vlinderbloemigen dus. Dat betekent dat de wortels stikstofknolletjes maken. Bemesten is dus nooit nodig, hij zorgt voor zichzelf.

Tja, als je al deze goede eigenschappen van Astragalus galegiformis afzet tegen veel populaire tuinplanten, dan heeft hij ontzettend veel plussen.

Zelf Astragalus galegiformis zaaien: stap voor stap

Omdat de houtige penwortel scheuren onmogelijk maakt, is zaaien de aangewezen manier om de plant te vermeerderen. Volgens Hans Kramer gaat dat verrassend gemakkelijk.

Astragalus galegiformis: de winterharde vaste plant die voor zichzelf zorgt


Zo doe je dat:

  • Zaad winnen. Zitten de zaden nog in de peultjes, dan moet je ze er eerst uithalen. Wij doen dan iets wat we bij veel vlinderbloemigen doen: we nemen twee stukjes schuurpapier (niet te grof), leggen er één op tafel, doen er wat zaden op en met het tweede stukje wrijven we zo'n tien keer met best wel wat druk over de zaden. Zo wordt de zaadhuid beschadigd en kunnen ze makkelijker vocht opnemen. Doe je dit niet, dan kan de kieming heel lang duren

  • Zaaien. Zaai niet later dan september. Anders zijn de jonge plantjes te klein om de winter door te komen. Het zaad laat zich prima (meerdere jaren) bewaren, dus lukt het niet meer om in september te zaaien, wacht dan tot april. Zaaien we normaal in grotere potten om daarna te verspenen, bij deze Astragalus doen we dat niet. Het is beter om kleine potjes te nemen (doorsnede 7 centimeter). Vul ze met een zanderig mengsel en doe drie zaden in een pot. Afdekken met 5 millimeter zand en wat fijn grind en ze zullen na twee tot drie weken kiemen. Vanwege de al eerder genoemde penwortel gaan we bewust niet verspenen.

  • Uitplanten. Zodra de planten 15-20 centimeter hoog zijn, zijn ze voldoende 'doorworteld' en kun je ze op de plek van bestemming uitplanten. Verbeter het plantgat niet, schraal is het devies. Natuurlijk moet je de eerste tijd water geven, maar daarna heb je er dertig tot veertig jaar geen omkijken meer naar.
     

'Bij droog weer en een beetje wind hoor je de zaden ritselen in de peulen, een bijzonder leuk geluid.'

Voor wie is deze plant geschikt?

Astragalus galegiformis is bij uitstek geschikt voor tuinbezitters die op zoek zijn naar een winterharde, onderhoudsarme vaste plant voor een zonnige, schrale standplaats. De plant combineert goed in borders waar vroege hoogte en structuur gewenst zijn, en is een aanwinst voor wie bijen en hommels wil aantrekken. Doordat hij droogte goed verdraagt, past hij bovendien uitstekend in een klimaatbestendige tuin.

Zaad bestellen

Van Astragalus galegiformis, en van diverse andere bijzondere planten, is nu zaad verkrijgbaar in onze Groei & Bloei webshop. Bestel hier het zaad.

Over de auteur

Hans Kramer kweekt op De Hessenhof in Ede biologisch zaad en planten van bijzondere vaste planten.

Bezoek
Kwekerij De Hessenhof
Hessenweg 41
6718 TC Ede
hessenhof.nl

Meer zelf zaaien met De Hessenhof

Astragalus galegiformis: de winterharde vaste plant die voor zichzelf zorgt
Afbeelding

Het Groei & Bloei Tienpuntenplan voor klimaatvriendelijk tuinieren

Tuinieren met respect voor de natuur en het klimaat? Alle tuinen van Nederland vormen samen één grote groene oase en daarmee kan iedere tuinier een belangrijke bijdrage leveren aan het tegengaan van klimaatverandering.

#1 voed de bodem en spit liever niet

  • Schimmels, bacteriën en bodemdiertjes zorgen voor een gezonde bodem. Planten krijgen daarin een goede start en zijn weerbaarder tegen ziekten.
  • Spit zo min mogelijk, zo houd je de bodemstructuur in tact wat belangrijk is voor toe-en afvoer van water & voedingsstoffen.