datum 14-04-2026
tekst Merijn Henfling, Katja Staring
beeld Merijn Henfling, iStock
1. IJsheiligen minder heilig: sommige planten kunnen al naar buiten
Van oudsher mogen veel planten pas half mei naar buiten, maar, uh, beetje pijnlijk, in deze tijden van klimaatverandering lijkt IJsheiligen niet meer zo heilig. Dus hou de weervoorspellende apps in de gaten en haal het seizoen wat naar voren. Met bijvoorbeeld cosmea, dahlia, artisjok en bonen kun je prima smokkelen, maar pepers, zoete aardappel en komkommer zet je beter toch pas na medio mei in de vollegrond.
2. Pak onkruid nu aan, scheelt later werk
Onkruid op tijd aanpakken. Het is misschien wel de meest clichématige tuintip die er is, maar dat is niet voor niets. In mei komt niet alleen je tuin op gang, maar ook het onkruid. Door nu regelmatig te schoffelen en te wieden, voorkom je dat kleine kiemplanten uitgroeien tot hardnekkige onkruiden. Kies bij voorkeur een droge, zonnige dag: losgeschoffeld onkruid droogt dan snel uit en loopt niet opnieuw uit. Werk oppervlakkig, zodat je het bodemleven zo min mogelijk verstoort.
Wil je het jezelf nog makkelijker maken, dan is mulchen een goede volgende stap. Door een laag compost, bladeren of stro op de bodem aan te brengen, krijgt onkruid minder kans om te kiemen en blijft de grond beter vochtig. Zeker in mei, als alles begint te groeien, is dat een eenvoudige ingreep die je later in het seizoen veel werk scheelt.
3. Deel je narcissenbollen voor meer bloemen
Het fijne van narcissen: als ze het naar hun zin hebben, komen ze elk jaar in grotere getalen terug. Wacht wel tot ze zijn uitgebloeid en het blad begint af te sterven.
Als narcissen zich vermeerderen, komen ze op een gegeven moment dicht op elkaar te staan en gaan ze minder rijk bloeien. Door de kluit nu uit de grond te halen en de bollen los te maken, geef je ze weer ruimte én krijg je er meer. Laat de bollen drogen en bewaar ze in een doosje met wat zand op een droge plek, zodat je ze in oktober opnieuw kunt uitplanten.
- Aanbieding: word nú lid van Groei en Bloei en ontvang een klimroos cadeau t.w.v. €33,90 (geldig t/m eind mei).
4. Tomaten uitplanten
Er is veel te doen in de moestuin in mei. Heb je nu mooie, stevige tomatenplanten staan, dan kun je begin mei uitplanten in de kas. Kies een moment waarop de nachten niet meer te koud zijn en plant ze diep, tot aan het eerste echte blad, zodat ze extra wortels maken en steviger groeien. Zet ze meteen bij een stok of rek en geef goed water. In de kas zullen ze nu snel doorgroeien, zeker als ze veel licht krijgen.
Voor buiten wacht je tot half mei, na de IJsheiligen. Kweek je cherrytomaten of heb je sterke rassen zoals Primabella, Resibella of Tamina (alledrie biologisch verkrijgbaar), dan zijn die het meest geschikt voor buitenteelt, omdat ze minder gevoelig zijn voor phytophthora. Laat de planten eerst een paar dagen afharden door ze overdag buiten te zetten en ’s nachts weer binnen. Zet ze daarna op een zonnige, beschutte plek en bind ze goed op, zodat ze luchtig kunnen groeien.
5. Zinnia zaaien: je kunt er nog lekker lang mee doorgaan
Wat is de zinnia toch een heerlijke bloem, en er zijn elk jaar weer nieuwe variaties in kleuren en formaten te krijgen. Van oker tot zalm, babyroze tot limegroen (Zinnia elegans 'Envy') en alles daartussenin. Ze zijn een feestelijke toevoeging aan je pluktuin, bloemenborder of balkon. Je kunt ze in mei en juni nog steeds zaaien voor extra lang bloemenplezier in tuin of vaas.
- Je koopt je zinnia-zaden in de shop van Groei & Bloei.
Zonnebloemplantjes in een zadenrollade
6. Maak een zadenrollade: meer zaaien op minder oppervlak
Zaaien in een zadenrollade is een slimme manier om veel zaden op weinig ruimte voor te zaaien. In plaats van potjes of trays rol je een strook met potgrond op en zaai je bovenin. Zo krijgen wortels de ruimte om naar beneden te groeien en kweek je stevige, compacte planten.
Geschikt om te zaaien in een zadenrollade:
- lathyrus
- zonnebloem
- klimmende winde
- Oost-Indische kers
- pompoen en kalebas
- bonen
- mais
- erwten
- kapucijners
- snijbiet
- tomaat
- peper
- paprika
Gratis mini-gids over zadenrollade
Samen met de Britse tuinier en zadenrollade-pionier Farida Sober maakten we een gratis mini-gids waarin we stap voor stap laten zien hoe je zelf een zadenrollade maakt. Met veel praktische tips. Vraag hier de gratis mini-gids 'Zaaien in een zadenrollade' aan.
7. Geef je bloemen een Chelsea Chop voor vollere groei
Eind van de maand kun je planten deels terugknippen om later in het seizoen vollere, compactere planten te krijgen. Deze techniek heet de Chelsea Chop, genoemd naar de Britse Chelsea Flower Show die in mei plaatsvindt. Het werkt vooral goed bij hoog uitgroeiende planten zoals dahlia, monarda, zonnehoed en phlox.
8. De gieter mag weer tevoorschijn
In mei komt de tuin echt op gang. Planten maken vaart, borders vullen zich en ook in potten en bakken zie je elke dag verschil. Tegelijk kan het, zeker bij zon en wind, al flink opdrogen. Veel planten hebben nog geen diep wortelstelsel en zijn daardoor kwetsbaar. Even niet opletten, en jonge aanplant staat al snel slap.
Geef liever af en toe een goede gietbeurt bij de voet van de plant dan dat je alles vluchtig nat sproeit. Zo komt het water waar het nodig is en blijft het langer beschikbaar. Een laagje compost of mulch helpt bovendien om vocht vast te houden, zodat je minder snel opnieuw hoeft te grijpen naar de gieter.
Bloeiende Foeniculum vulgare (knolvenkel)
9. Laat je venkel doorschieten (en geniet van bloemen én zaad)
Snijd bij het oogsten van knolvenkel niet te diep. Laat je de plant staan, dan vormen zich kleine nieuwe venkeltjes én groeit hij door tot een luchtige bloeier met gele schermbloemen. Mooi in boeketten, goed voor bijen en vaak komt hij het jaar erop gewoon weer terug.
Nog 5 favoriete doorschieters:
- dille: fijne gele schermbloemen, luchtig in boeketten, trekt veel insecten
- koriander: witte schermbloemen, later aromatisch zaad
- rucola: pittige witte bloemetjes voor de salade
- prei van vorig jaar: hoge bloemstelen, bolvormige alliumbloei, geliefd bij bijen
- palmkool van vorig jaar: gele kruisbloemen, eetbaar en aantrekkelijk voor insecten
10. Zomerbloeiers kunnen de grond in
Zomerbollen en knollen zoals dahlia, gladiool, lelie, begonia en canna plant je in mei in de volle grond. Als je echt veilig wilt zijn, wacht je tot half mei zit je buiten.
Ook leuke zomerbloeiers: wat minder voor de hand liggende soorten zoals tigridia (tijgerbloem) en acidanthera (Abessijnse gladiool).
Je kunt ook eerder binnen of in de koude kas beginnen (eind maart, april of begin mei). Als je je zomerbloeiers binnen wilt voortrekken, zet ze dan in luchtige potgrond op een lichte plek en geef een keer water bij het planten tot er scheuten verschijnen. Zodra de kans op nachtvorst voorbij is, kunnen ze naar buiten. Veel soorten vermeerderen zich bovendien vanzelf.
Dahlia’s vormen nieuwe knollen, lelies maken broedbolletjes en gladiool en begonia vormen kleine knolletjes naast de moederplant. Zo heb je er elk jaar meer plezier van.
- Bonustip: Stek nu dahlia's voor extra planten
11. Maak randen en paden weer strak (of laat ze juist een beetje los)
Even langs de randen van je gazon en borders gaan doet wonderen. Door ze nu bij te steken of bij te werken, oogt je tuin meteen verzorgd en voorkom je dat gras en onkruid zich verder uitbreiden.
Maar het hoeft niet overal strak. Juist aan de randen van je tuin kun je ook wat ruimte laten voor een zachtere overgang, met bloemen, kruiden of spontaan opkomende planten. Dat ziet er natuurlijker uit en biedt voedsel en schuilplekken voor insecten. Zo kies je zelf waar je strak houdt en waar je de natuur wat meer laat gaan.
12. Stop je keukenafval direct de grond in
Geen zin of ruimte voor een composthoop? Ga trench composten. Klinkt chic, maar is hartstikke lui (of aardiger gezegd: simpel): je graaft een kuil, je gooit je keukenresten erin, je dekt het af. En je bent klaar.
Bloeiende pronkbonen
13. Maak een groene, bloeiende wand met bonen
Zet in een grotere pot of bak drie (tonkin)stokken en bind ze aan de bovenkant samen tot een soort wigwam. Onderaan elke stok stop je drie bonen in de grond. Die bieden snel geweldige sierwaarde met blad en bloem, en straks kun je er ook nog van oogsten. Vier favorieten:
- Pronkbonen: groeien razendsnel, hebben verschillende kleuren bloemen, die eetbaar zijn: leuk voor de salade.
- Lablab of hyacintboon: een echte blikvanger met prachtige paarse, roze of lila bloemen.
- Paarse spekbonen: de paarse peulen hangen er decoratief bij en de bloemen zijn mooi roze of paars.
- Sperziebonen: bloeien vaak wit of lichtgeel.
Je kunt de bonen ook over een boogje leiden of een rekje van gaas maken, of zet een paar tonkinstokken wat verder uit elkaar en span daar een stukje gaas of touwtjes tussen. Zo creëer je in een handomdraai een groene wand.
14. Gebruik snoeihout als natuurlijke plantensteun
Gooi gesnoeide takken niet weg, maar gebruik ze als steun in de border. Steek tijdens het planten van dahlia's meteen wat vertakt snoeihout in de grond. De bloemstelen groeien er vanzelf tussendoor en krijgen zo natuurlijke steun, die minder zichtbaar is dan bamboestokken die de border ontsieren.
Deze truc werkt uiteraard ook bij andere hoge, hangerige of topzware planten zoals chrysanten, sedum en sommige salvia’s.
- Kijken hoe Fransje dat aanpakt? Ga naar de video Planten steunen met snoeihout.
15. Moestuinieren zonder zaaien: snel planten van tomaat en basilicum
Geen tijd gehad om te zaaien? Vraag een uitloper of een dief van een tomatenplant van je buurman of tuinvriend en stop ’m in potje grond of water. Dat wordt heel snel een plant. Koop basilicum als bioplantje bij de groenteafdeling van de supermarkt en pulk de losse plantjes uit elkaar om die opnieuw te planten.
Tomaat en basilicum zijn sowieso een fijne combinatie, dus zet ze bij elkaar in de vollegrond of een grote pot.
Tip: blijf basilicum oogsten door steeds topjes eruit te halen, zo krijg je een bossige plant en stel je bloei uit. En als-ie toch gaat bloeien, lekker laten gaan! Dat is goed voor de bestuivers, en straks kun je er zaadjes van oogsten.
Bloeiende rabarber
16. Haal bloemstengels uit rabarber (of doe eens gek: laat er eentje staan)
Zie je een dikke bloemstengel uit je rabarber omhoog schieten, dan is het klassieke advies: weghalen. De plant steekt energie in de bloei, waardoor er minder kracht overblijft voor het maken van dikke, sappige stelen.
Vroeger werd zelfs gezegd dat bloei het begin van het einde was voor de plant, maar dat valt in de praktijk meestal mee. Rabarber sterft er niet van af, al kan de groei wel wat teruglopen.
Laat misschien gewoon eens één bloem staan, dan zie je waarom dat de moeite waard kan zijn. Zeker als je genoeg planten hebt staan. De plant maakt een hoge, stevige stengel met een wolk van roodwitte bloemetjes: een beetje vreemd, bijna buitenaards. Insecten zijn er dol op.
De bloei van rabarber is een stressreactie. De grond is te nat (of te droog), het weer is te koud of de bodem te weinig voedzaam, en de plant denkt: laat ik me maar voortplanten.
17. Geef hagen hun eerste snoeibeurt (en check op nesten)
Snelgroeiende hagen zoals liguster en klimop kun je in mei voor het eerst snoeien. Zo houd je ze compact en voorkom je dat ze later in het seizoen uit de hand lopen.
Wil je dat je liguster bloeit in mei, juni of juli, wacht dan nog even met snoeien. De bloemen trekken veel bijen en andere insecten.
Controleer vóór je begint altijd even of er geen vogelnesten in zitten. In het broedseizoen is dat niet alleen beter voor de vogels, maar ook verplicht.
18. Verwijder wilde scheuten bij rozen voor sterkere groei
Zie je bij je rozen scheuten die van onder de entplaats groeien? Haal ze dan weg.
Deze wilde scheuten groeien vaak sneller dan de rest van de plant, maar bloeien minder mooi en kunnen de roos verzwakken. Trek ze bij voorkeur met de hand los vanaf de basis, zodat ze niet snel terugkomen.
19. Geef oude potgrond een tweede leven
Gooi oude potgrond niet weg, maar meng deze met compost of wat organische mest en gebruik ’m opnieuw. Zo geef je de grond weer voeding en structuur, en kun je er prima nieuwe planten in zetten zonder alles te hoeven vervangen.
20. Zaai warmteminnaars
In mei is het moment daar om warmteminnende gewassen te zaaien. Soorten als tomaat, basilicum, Ipomoea en Oost-Indische kers houden van warmte en groeien pas echt goed als de temperatuur meewerkt. Te vroeg zaaien levert vaak geen voorsprong op, maar juist zwakkere planten.
Wacht dus tot de omstandigheden kloppen en zaai dan in één keer goed.
21. Knip uitgebloeide bloemen van tulpen weg
Knip uitgebloeide bloemen van tulpen weg en laat het blad afsterven, zodat de bol genoeg voeding opneemt voor het volgende jaar. Wil je de kans vergroten dat ze terugkomen? Rooi grootbloemige tulpen in juni en bewaar ze droog voor herplant in het najaar. Botanische tulpen komen vaak vanzelf en vermeerderen zich.
Verder doen in mei:
- Bescherm vorstgevoelige planten tegen late nachtvorst met vliesdoek of een oude lakenhoes.
- Als de kans op nachtvorst voorbij is, kunnen voorgezaaide planten en kuipplanten weer naar buiten. Laat ze wel eerst wennen op een beschutte plek, uit de volle zon en harde wind.
- Voorjaarssnoei kiwi: haal oude takken die weinig vruchten dragen helemaal weg en leid jonge scheuten opnieuw langs het rek.
- Plaats, nu het vijverwater weer een beetje is opgewarmd, nieuwe planten in de vijver.
- Help klimplanten met verder klimmen en bind ze verder op.
- Bouw een pompoenboog en laat je pompoenen en andere klimmers eroverheen groeien. Dat scheelt ruimte in de moestuin en geeft een prachtig groen gewelf vol vruchten in de zomer.
- De eerste alliums ontvouwen zich: knip er eentje na de bloei af om te drogen op een smalle vaas.
- Maak een schuilplek voor egels en andere tuindieren. Een rommelig hoekje met wat takken, bladeren en snoeihout is vaak al genoeg.
Ga voor meer klussen in mei naar de tuinkalender van mei.